Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

III

DE ZEVEN ROEVEN

Een koning en een diender,

Die gingen samen wandlen;

De diender knoopte zijn handschoen dicht, De koning at amandlen.

Zij kwamen aan een groot groot bosch,

Daar zaten zeven boeven.

Toen zei de koning: diender, sluit Die boeven in de schroeven.

Toen zei de diender: Sire, ik heb Geen schroeven, maar wel touwtjes;

En de koning: doe het daar dan meê,

Maar doe het asjeblieft gauwtjes.

Toen ging de diender naar den eersten en zei: Wil u mij uw handen even geven?

Sluiten