Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

AB EN KOOS

Ik zag een meisjen op de hei:

Zij droeg een paarse heidestruik,

Gelijk een groene kandelaar, Vol kaarsjes paars, die brandden klaar Ik vroeg: voor wie die heidestruik ? Die is voor Ab, zei zij.

'k Dacht: dat 's die fijne stille man,

Die altijd tusschen bloemen loopt: — Hij is er teêr en peinzend van,

En zorgzaam, zóo dat-i altijd hoopt

Sluiten