Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Hel is grensloos en geen plaats omperkt In éénge plaats; want waar wij zijn is 't hel, En waar het hel is, daar zijn wij altoos:

En als op 't eind 't heelal ontbonden wordt, En ieder schepsel zal gezuiverd zijn,

Is iedre plaats Hel, die geen Hemel is.

faust. Kom, ik houd hel voor 'n sprookje.

meph. Geloof het maar totdat ge 't beter leert.

faust. Maar denkt gij dan, dat Faustus wordt verdoemd ? meph. Ja, want dat moet wel; hier heb ik 't papier,

Waarin ge uw ziel verschreeft aan Lucifer. faust. Ja, en mijn lichaam ook, maar wat zou dè.t ? Houdt gij mij voor zoo dwaas dat ik geloof, Dat 'k, na dit leven, in de pijn zal zijn?

Foei, dat zijn grapjes, oudewijven-praatjes.

meph. Maar Faustus, ik vertoon u 't tegendeel:

Ik bén verdoemd en bén nu in de Hel.

faust. Wat! Nu! gij in de Hel!

Kom, als dit Hel is dan ben 'k graag verdoemd;

Zoo wandlend, disputeerend, enz.

Maar laat dat daar, en breng mij eerst een vrouw,

Het mooiste meisje uit Duitschland, maar wat vlug;

'9

Sluiten