Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mijn God, mijn Gód, zie niet zoo toornend neer! Duivels en slangen, laat mijn adem gaan!

Gaap niet zoo wijd, hel; — kom niet, Lucifer! 'k Verbrand ^nijn boeke' — Ach, Mephistophilis.

(Duivels met Faustus af.)

Het Koor komt op.

koor. De tak is dood, die heerlijk groeien zou, En droef verschroeid Apollo's lauwertwijg, Die eenmaal groeide in deez' geleerden mensch. Faustus is heen; bepeins zijn helschen dood, En leer' wie wijs is, door zijn zonde en doem, Eerbiedig vèr staan van wat God verborg, In diepten, die godloos weetgierig-zijn Dieper doorspieden wil dan 't God vergunt.

Sluiten