Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tot zich halen met het geweld van den tot zich gebogen, warmen arbeidswil. Zoo kwam het dat Job een nieuw ongekend soort meesterwerk vermocht te scheppen, anders dan alle voorgaand weik uit de smederij. De lauwertakken, de bloemgierlinden, fijn uitgesmeed tot bijna natuurlijke frêle-heid, de „Drie Scheepjes" waren wonderen van techniek en geduldige arbeidsliefde. Maar zulke arbeid hadden anderen toch ook wel gemaakt. Het hek scheen iets dat nooit anderen zouden imiteeren; of als zij het deden, zou het een geheel slaafsche nabootsing moeten zijn. Iets, dat er van afweek en toch denzelfdeu aard had, scheen niet mogelijk. Het had het werkelijk gevoelde van een kunstwerk en was wonderlijk spontaan in simpele, maar verrassende vormen. Zulk een hek had nog niemand ooit gezien ; de hamer scheen er al streelend langs gegaan met dien lijueren, veredelenden toets, die de duim der beeldhouwers achterlaat; het was alsof hij niet met nijdige slagen, doch in zacht fieemen en vermanend wenken het metaal tot schoone vormen had verleid, zóo sierlijk ontbotte de eene wending van een ijzeren staat aan een andere, en zoo lijdzaam

Sluiten