Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

legde Hasvelt uit. „Alleen beste krachten, bard werken en moderne artikelen. Oude femelaars hooren in een coöperatieve zaak niet thuis. En ik wil je wel zeggen dat het zoowat op mijn raad is, dat ze hem weggestuurd hebben."

„Je moest je schamen."

„Waarom? Hij heeft toch zijn weekgeld! Hij kan het eiken Zaterdag aan de fabriek halen."

„Dus heeft hij zijn congé gekregen als een gewoon werkman."

„Wat is hij dan anders ? kan hij smeden als Job V

„Hij is altijd patroon geweest, en bovendien hij is de vader."

„Zoo heb jij ook niet altijd gesproken. En dan, je kent hem tegenwoordig niet. Hij is een femelaar geworden."

„Hoe zoo ?"

„Hij is naar den pastoor gegaau om te vragen of Joh zijn smeedwerk wel goed was."

„En wat zei de pastoor V'

„Weet ik 't. Dat 't Godslasteren was of zoo iets. En toen is hij op een avond in de fabriek gekomen om te zeggen, dat ze geen coöperatie moesten maken en dat het smeedwerk maar on-

Sluiten