Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het Landdrostgericht sprak bij eersten aanleg hel „schuldig" uit en werd diensvolgens aan vermelde bezigheid, zegge Boekverkoperij, eene straffe opgelegen van 1000 pond, in Zuid-Afrikaanse munt, met verbeurdverklaring van alle aanwezige en ingebrachte handelsartikelen. De klap welke daardoor deze bezigheid kreeg, was te erger, omdat de „Generale Afrikaanse Boekverkoperij" eene dochter heet te zijn van de te s-Gravenoord in Holland wel bekende Uitgevers-maatschappij Rhodeso-Neerlandica.

Aan deze, alsmede aan het beleid van haar aanvoerder, de heer P. A. Hengelaar Jr. is zij verplicht dat in het verlopen jaar ons goevernement met haar een contract heeft aangegaan voor fournissement van alle Regeringsonderwijsbenoodigdheden.

De aanvoerder Hengelaar Jr., van de criminele betichting langs den draadweg in kondschap gesteld, maakte zich ijlings per scheepsgelegenheid op naar Afrika, om ter plaatse in zijne bezigheid rond te zien, welke hem een ontzettend voorval scheen te zijn. Zijn doelwit was zich schoon te vegen van de betichte smet op zijne zaak, waarin hij genadiglijk werd bijgestaan door het Goevernement, dat eenige kommittenten van instructie aanstelde, zijnde de Landadvokaat, de Oppertoezicht-kommissaris van het Schooldepartement en de algemeene controleur der douane.

Deze heeren hebben kort geleden een verslag uitgereikt over deze aangelegenheid, waarbij zij alles van nabij hebben bekeken en met verscheiden papieren vergeleken. Zij hebben, na inzicht, dat geen bedrog door de „Generale Afrikaanse Boekverkoperij" was gepleegd, de Regering hiervan kond gedaan, met bijvoeging, dat slechts door een opeenhoping van verkeerde inlichtingen

Sluiten