Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Dat was — antwoordt de vleeschhouwer, niet zelfgenoegzaamheid een paar trekken doende aan zijn weerbarstige pijp — dat was de Engelsche gezant!

— Dan ben jij zeker zijn leverancier — merkt de specerij-man op.

Sesamé!. .. Als in Aladdins tooverlamp, opent zich van zelf de staatsiedeur van het huis aan de Groentengracht. Een zee van licht stroomt den binnenkomende tegen; in zwierigen feestdosch prijkt de marnieren gang; de aanwezigheid van het schoone geslacht schitterend door keur van toilet, verhoogt den luister der ontvangst. De heeren, in mening dress, scharen zich ten rei aan ééne zijde, de dames daartcgen-over. Van uit de feestzaal, de grootsche tuinkamer op den achtergrond, klinken de statige tonen van het Heil Dir im Siegerkranz!, met forsche grepen aangeslagen op den vleugel; uit volle borst zingen de aanwezigen den overwinnaar het heldenlied toe. Na den laatsten versregel Heil, Sieger, Dir! zwaait de lieer Verkerker, onder een daverend hoera! den ceremonie-staf; als een wapen-heraut roept hij den schoonzoon-directeur een statig „welkom!" toe en noodigt allen hem te volgen. De stoet zet zich in beweging, de rijen sluiten zich aaneen, en onder aanvoering van den zilverharigen, thans afgetreden adjunct-directeur, marcheert de jubelende schare, terwijl de intochtsmarsch der meesterzangers op den Wartburg wordt aangeheven, de ruime feestzaal binnen.

Welk een aanblik! De driekleur in top en langs den wand ...

Een troon van groen, van bloemen en festoen,

Een troon met keurig licht en spreuken in gedicht;

knittelt Jan Karper in stilte voor zich heen, en het weer-

Sluiten