Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gravenoord het heet te zijn — maar zij is immers in de luxe stad te alledaagsch, als men zich, te midden der beslommeringen eener omvangrijke Export-maatschappij, met weergaloos knutselwerk, de weelde veroorloven kan van een zes weken verblijf op een Boheemsche badplaats, met den aankleve van dien. Het provincie-schoon heeft immers geen naam bij wat in den vreemde valt te zien! De Gravenoordsche zomer moge aantrekkelijkheid bezitten voor wie goedkoop of gratis willen genieten van boschgeur, van zeelucht en van groen, in oneindige kleurschakeering —, een man van de wereld, een man van beteekenis, bezondigt zich aan dergelijke banaliteiten niet. Voor hem staan Zwitserland en Italië open, met hunne schilderachtige meren, al gevoelt men, wegens zekeren omvang in zijn physiek („obesiteit", zou een dokter zeggen) geen roeping om als Alpentoerist op reis te gaan.

Het bovenstaande in breede trekken, als met houtskool geschetst, geldt de genoegens welke men aan het hof van Lilliput *) in de beide seizoenen zich gunt op eenigszins grooter schaal. In de eentonigheid van „herrie en rompslomp" aan een druk uitgevers- en exportkantoor, kan men, als bewindvoerder, behoefte gevoelen aan een tijdelijke ontspanning van den geest, vooral wanneer zich een homme affaire, in voortdurend-koortsachtige opgewondenheid, den grond onder de voeten voelt branden, alsof hij loopt op een vulkaan. Als hij dan zijne ondergeschikten (de Jingo uitgezonderd, die het spelletje kent) met die aanstekelijke zenuwachtigheid, die den wetenschappelijken naam van neurasthenie ten volle verdient, danig heeft besmet, met bevelen links, kommando's rechts, — vooruit! als een haas! — vijf minuten en dan klaar! — niet hannessen of

1) Jonathan Swift. Gullivers reizen.

Sluiten