Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Slechts van „verloopen" lui is de hoofdman gediend, omdat hij deze kon ringelooren naar hartelust, omdat niet hij behoefte heeft aan hèn, maar zij hèm noodig hadden voor het dagelijksch stuk brood, dat zoo menig kantoorbediende innig wordt verbitterd door de humaniteit van sommige patroons.

De daglooner-socialist ziet vaak met loenschen blik naar het kleed van fatsoen, dat enkele „heeren" dekt. Hij is zich onbewust, dat die aangekleede heer van hem alleen verschilt in uiterlijk vertoon, in werken met het hoofd, door handenarbeid niet zelden afgewisseld. De overweging komt niet bij hem op, hoe meer geestesontwikkeling, hoe grievcnder zielesmart, bij de onevenredigheid van stoffelijk welzijn, dat een proletariaat van kantoordienaars in het aanzijn roept. De daglooner-werkman vergeet, dat de stumpertkantoorheer de slaaf is van een zoogenaamd fatsoen, aan het ophouden waarvan de stakkert bij tijden woidt herinnerd door den genadigen patroon.

De waarheid is banaal, die hier verkondigd wordt. Het zal blijven zooals het is, waar het aanbod van dienstbetoon de vraag ver overtreft. Maar wat tergend is en roept om wraak, dat is daargelaten de eisch \an werk te moeten leveren, degelijk en veelzijdig werk, voor een minimum loon, dat is de hooghartige, de laatdunkende behandeling bovendien van een over het paard gebeurden directeur.

Onder die omstandigheden heeft Jhr. Mr. Brandhout van Eschdoorn aan de Rhodeso-Neerlandica gewerkt. Hij verscheen plotseling als een komeet, met lichtenden staart; hij verdween eensklaps en liet geen lichtspoor na.

Vergaderden zich in het Elysium van het Langerhout, hoe langer zoo meer donkere wolken om Jan Karpers

Sluiten