Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XXIV : 6— is.

6. «de golven der zee en de geheele aarde,

en alle volk en stam bracht ik onder mijne heerschappij;

7. «bij deze allen zocht ik eene woonplaats,

[vragend]: < «in wiens erfdeel zal ik verblijven ? > »

8. Toen gebood mij de Schepper aller dingen,

en die mij geschapen had, bereidde mijne tent rust, en sprak: ««Woon in Jakob en heb in Israël uwe erve. > »

9. «Vóór de eeuwigheid, van den aanvang af schiep Hij mij, en tot in eeuwigheid houde ik niet op te bestaan;

10. «in den heiligen tabernakel diende ik voor Zijn aangezicht, en zoo werd ik in Sion bevestigd;

11. «in de uitverkoren stad bereidde Hij mij insgelijks rust, en in Jerusalem was mijne heerschappij;

12. «en in het verheerlijkt volk schoot ik wortel, in 's Heeren deel. Zijn gebied.

13. «Gelijk een ceder op den Libanon verrees ik,

en gelijk een cipres op Hermons gebergte;

14- «gelijk een palmboom in Engedi schoot ik op,

en gelijk rozenstruiken in Jericho;

gelijk een sierlijke olijf in de vlakte,

en gelijk een plataan wies ik op.

15. «Als kaneel en specerij gaf ik liefelijken reuk,

en als uitgelezen myrrhe verspreidde ik aangenamen geur; als hars en nagelen en kruiden,

en als wierookdamp in den tabernakel;

Sluiten