Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1

XXV : 24—XXVI: 5.

24. Van eene vrouw ging de zonde uit,

en om harentwil sterven wij allen.

25. Laat aan het water geen vrijen loop,

en aan eene booze vrouw geene heerschappij;

26. indien zij u niet volgen wil,

snijd dan alle gemeenschap met haar af.

XXVI.

1. Eene goede vrouw — gelukkig haar man,

het getal zijner dagen wordt verdubbeld.

2. Eene wakkere vrouw verzorgt haren man,

en hij brengt zijne jaren door;

3. eene goede vrouw is eene goede gave,

den godvreezende valt zij ten deel.

4. Hetzij hij rijk, hetzij hij arm is, zijn hart is dan goed gestemd, en te allen tijde hebben zij een vroolijk gelaat.

HOOFDSTUK XXVI.

Voor welke vier Sirach bevreesd is. — De vrouw, die in onreinheid leeft. — Waarschuwing tegen ontucht. — De voorkomende en zedige huisvrouw. — Over welke twee Sirach zich bedroeft.

5. Voor drieërlei is mijn hart bang,

en voor een vierde ben ik zeer bevreesd:

de booze praatjes eener stad, en de samenrotting der menigte,

en de laster: alle zijn zij erger dan de dood;

Sluiten