Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XXXV.

De offeranden des rechtvaardigen. — Waarschuwing tegen het verzoeken van Grod met offergaven. — De Heer een beschermer van weduwe en wees, eene toevlucht voor den verdrukte. — Zijne vergelding aan heidenen en onrechtvaardigen. — Zijne barmhartigheid jegens Zijn verdrukt volk.

1. Wie de wet houdt, brengt overvloed van offeranden;

2. wie de geboden in acht neemt, brengt een dankoffer;

3. wie dank vergeldt, brengt een spijsoffer,

4. en wie barmhartigheid bewijst, brengt een lofoffer.

5. 's Heeren welgevallen is af te staan van boosheid,

en verzoening is, van ongerechtigheid afstand te doen.

6. Verschijn niet ledig voor 's Heeren aangezicht,

7. want dit alles geschiedt ter wille van het gebod.

8. De offergave des rechtvaardigen maakt het altaar vet, en haar reuk is voor den Allerhoogste;

9. het offer van een rechtvaardig man vindt welgevallen, en zijn gedachtenisoffer ervan zal niet worden vergeten;

10. verheerlijk met een goed oog den Heer,

en maak niet gering de eerstelingen uwer handen;

11. laat bij al uw doen uw aangezicht stralen,

en heilig met blijdschap uwe tienden.

Sluiten