Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

inaar 't is haar angst, die vreselike angst, dat door haar zwakheid Karei ten prooi kan vallen aan de zonde benedietus fructus tuae ventris — — — —

Herin a n.

Zuster — - Of stoor ik u?

A n g u s t i n e.

Nee, o nee — Ora pro nobis

Her man.

Kunt u dan die tobbende lijderes niet troosten kunt u dan niet zeggen, dat 't toch geen zonde wezen kan eerlik liet' te hebben —

Au gust ine.

U begrijpt het niet — — u kunt die angst niet begrijpen — — — I)e wereld is zo vol verleiding — - —

dit huis zo vol — — en Marie is zo zo roman-

ties — — — niet diep en innig is haar geloof — — — — Ze las al jong verboden boeken — — — — en het berouw

kwant nooit van harte — O, ik ken Marie — —

ik weet hoe haar zalige vader eronder geleden heeft Ja, voor de wereld — - ja, voor ?t oog der mensen, maar inwendig niet — - - - en dat baart juist die angst — - — — Ave Maria, — — — benedicta tu — — —

Dommelaer in de (leur rechts.

2C-VIIX-

De vorigen, DOMMELAEK.

Do m mei ae r.

Herman, zuster — — — het einde nadert — — —

Augustine.

In — — — vrede 'i

Sluiten