Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ko re vae r.

'k Geloof er niks van — — — Een man als onze kapelaan zon 't me verboden hebben - — —

T r i p p e 1 s.

Ook een priester )>lijft mens en dwaalt soms — — — God laat toe dat zelfs de dienaars van zijn huis in Satans strikken vallen — — Heel de wereld móét het zien, hoe ook de Godgewijden vast in het geloof gehoorzaam moeten zijn in al hun denken, al hun doen — — — en

één en nog één kunnen dwalen, maar niet de kerk

Maar mensen, priesters zelf staan aan verleiding bloot en heiligen zijn geen heiligen geworden zonder strijd Als ze dwalen, bid voor hen — — --

K o r e v a e r.

'k Beloof 't u —

T r i p p e 1 s.

Wat beloof je'?

K o r e v a e r.

wil i/iuni.

Ik zal voor u bidden •— — -- —

T r i p p e 1 s.

Kèn je zelfs geen gezag meer? Durf je mij bespotten? Als kind zie ik je nog voor me — - - toen ik je voor de Heilige Communie voorbereidde als aardige jongen , goedgelovig kind — — — — Als koorknaap deed je trouw je plicht, de Moeder Gods zag vriendelik op je neer, als je van zoete Jezus zong — — als man nog heb ik je gekend trouw en gehoorzaam — en nu! nu!

Korevaer.

Dat ben ik nog, eerwaarde; dat wil ik zijn — — — Ik bid nu nog als toen, maar handel als man, niet meer als

Sluiten