is toegevoegd aan uw favorieten.

De sluier

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toch zoetjesaan tijd; vandaag is 't Vrijdag en Maandag is ze jarig. Hij leest de titels der te pronk liggende boeken, bekijkt de fotogravures en etsen, vooral de laatste, die hij heel mooi vindt en waaruit hij graag 'n keuze zou willen doen, als ze maar niet zoo beestig duur waren. De boeken lijken hem geen van alle iets voor haar; trouwens, 'n boek vindt hij geen erg geschikt cadeau, omdat Nancy weinig leest en meer op heeft met zingen en pianospelen. Dan 's in 'n muziekwinkel gaan snuffelen ? Enfin, 't let niet op 'n dag, hij kan morgen toch ook nog 's kijken, 't beste dunkt hem misschien nog 'n mooi werktafeltje, daar heeft ze tenminste wat aan voor haar heele leven. Hij slentert weer verder ; 't denken aan iets prettigs gaat hem nu niet van harte af, de last van 't fel-onaangename, dien hij zichzelf heeft opgelegd : z'n bezoek aan 'n dokter vanavond, drukt hem daarvoor te erg. Al die laatste dagen deed 't hem onvatbaar zijn voor vroolijke, heuglijke emoties. Weken heeft hij 't uitgesteld, dien beroerden, belabberden gang naar den dokter, z'>ó ellendig zag hij er tegenop. Tot hij op eenmaal 'n kloek besluit nam en met vastberadenheid den avond bepaalde, waarop hij, onwrikbaar zéker, gaan zou. En sindsdien voelde hij dat zelfgenomen besluit als 'n dwing, van buitenaf hem opgelegd en door niets meer af te wenden. Hij berustte er in, als in iets, waaraan hij toch niets meer kon veranderen; maar telkens kregelde de herinnering er aan weer in hem