Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wat doe ik in die stad vol hellevuren en godenbrand, vol bruine duivelen en gouden oorlogshelden, waar bloed ligt in den rossen grond, en alles staat te laaien en te zieden? Hoe raak ik hier nu uit, dat ik weer veilig aankom aan het groote, groene grasveld bij de zee?

Nu hier die zijstraat in, en haastig loopen maar, dat ik die dolle muziek van oorlog niet meer hoor. — Wat zie ik daar nu in de verte, zou dat de Bridge Road eindelijk weer zijn? Die ricksha's die daar vliegen, die vonken licht, die fonkelen voorbij.... ? Goddank, nu kom ik op bekende wegen terug, ik zie de brug, waar de rivier is met het donkere sampan-dorp. Nu altijd maar rechtuit, dan kom ik bij de groene Esplanade, als ik een hoek omsla, dicht bij eenEuropeesch hotel. — Daar zijn de hooge boomen al, in 't park waarin de cathedraal moet staan. Hier is het stiller, eindelijk, goddank! Ik sla den zijweg links af, die naar de Esplanade voert. Daar is het sombere, donker-blauwe Adelphi-Hótel al. — In de open voorgalerij zitten nog Europeanen luid te praten, drinkend hun whiskey-and-soda.

Sluiten