Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan, als om het inniger te voelen ... Tot een kribbigen gesmoorden schreeuw haar waarschuwde, dat ze hem pijn deed

Zij, die vroeger zoo tégen kinderen was, er eigenlijk nooit een had willen hebben ..., ze zou er nu

niet éen willen missen God, als ze daaraan dacht:

éen van haar lievelingen dood, weg voor goed !... ^Nee, nee, het moest zoo blijven, het was immers nu

goed zoo Het huiselijk geluk had niet geleden

goddank, zou nooit lijden onder alle ziekten en geldeüjken tegenspoed. Mocht het zoo blijven!...

En in haar bewustzijn zwol weer een stille dankbaarheid voor Leen, door wiens zachtzinnigheid in daad en meening — zij besefte het nu ten volle — de mooie harmonie van haar gezin in stand was gebleven.

De koffie-tafel was al opgeruimd. Hetty en Zus speelden in het tuintje achter het huis. Met Henny op haar schoot, zat Nelly doelloos op een stoel in de woonkamer, niet in staat eenig werk te doen door het voortdurend aan-hangen van het jengelende kind, dat bleeker zag dan ooit, en nu en dan in-een gedrukt, huilen uitbrak, klagend over pijn. Slaperig neuriënd trachtte ze het kind te sussen, het wiegend op haar knieën, maar tevergeefs, de pijn hield het wakker.

Fel scheen de middagzon in de kamer, alles in harde kleuren en scherpe omtrekken zettend. Dat waren voor Nelly de zwaarste uren: 'smiddags, vooral

Sluiten