Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ze zoo roerloos, als in stil beraad, streng-oogend onder de groote, glinsterende helmen uit.

„Raak me niet an, ik waarschuw je!" — gilde Gerard in wilden angst, den stoel even van den grond heffend.

... „Nou" — zei opeens éen der agenten, kalm maar met klem. Het was het sein. Vastberaden stapten ze binnen. „Pas op!... Ga weg!" — gilde nog Gerard's stem hoog, dreigend; maar het ging verloren in een hevig gestommel; een korte worsteling, dof gebonk van zvvaar-weeke lichamen smakkend tegen den vloer, een stoel werd omvergesmeten, een ruit brak rinkelend, een half-gesmoorde, krijsende vloek, een snijdende gil Dan was het plotseling stil.

De agenten verrezen uit hun gebukte houding, Gerard meetillend, die zich wild wrong in de boeien, huilend van pijn en woede, oogenzoekend naar zijn moeder. Maar de .agenten, kwaad door den ondervonden weerstand, voerden hem weg, onmeedoogend.

De deur klepte dicht.

Gebroken door smart en emotie was Mevrouw op een stoel gevallen, een hol-hoog snikkend weenen klonk aanhoudend zacht van achter haar handen, vulde het ontredderde vertrekje met haar teere droefenis. Onafgebroken schokte haar smal, gekromde rugje onder de hortende snikken.

... Wat was er dan toch gebeurd? ... Haar zoon in de gevangenis!..

EINDE.

Sluiten