is toegevoegd aan uw favorieten.

Van oude en nieuwe kunst

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De aard van het werk van den christelijken kunstenaar brengt mede, zooals wij zagen, dat hij op de eerste plaats niet zijn eigen denkbeelden afbeeldt, maar die welke gemeenschappelijk zijn aan de menschen, te wier midden hij leeft. En zoo ligt dan voor de hand ue beeldende kunst te verklaren uit de literatuur en dus, waar het de kerkelijke kunst der middeleeuwen geldt, te rade te gaan bij de oude kerkelijke schrijvers.

Dit schijnt op het eerste gezicht, een bijna onmogelijke arbeid, want geene literatuur is zóó omvangrijk als deze. Maar — zooals een bevoegd beoordeelaar gezegd heeft — „wanneer men eenmaal kennis heeft gemaakt met deze auteurs, wanneer men heeft onderzocht de werken van de Bijbelcommentators, de liturgisten, de encyclopedisten, dan bemerkt men al spoedig dat zij, onophoudelijk, elkander herhalen."

En het is toch ook wel begrijpelijk, dat men in tijden, waarin schriftelijke mededeelingen moeilijk en boeken zeldzaam waren, waarin de denkbeelden slechts zeer langzaam verbreiding vonden, meende een verdienstelijk werk te verrichten met een verkorting te maken van een beroemd boek, het substantieele van verschillende befaamde verhandelingen bijeen te voegen, of zelfs, bijna zonder verandering, het werk van een groot Leeraar te reproduceeren.

In de bloeitijden der middeleeuwsche maatschappij