Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geestlooze gedichten, onbeduidende, dwaze, zeer dikwijls ook onredelijke philosophische leerstellingen opzetten, vooral wanneer het geldt, zich door een vrome onredelijkheid aan een hooger geplaatste overheid aan te bevelen.

Al hun daden en hun denken is dus louter persoonlijk. Daarom slagen zij er hoogstens in, zich het uiterlijke, het toevallige, het willekeurige van vreemde echte werken als manieren toe te eigenen, terwijl zij, in plaats van de kern, de schalen nemen, en niettemin van meening zijn dat zij alles bereikt, jazelfs dezen overtroffen hebben.

Wordt het mislukken hun zelf echter duidelijk, dan hoopt menigeen nog, het door zijn goeden wil ten slotte toch nog te bereiken. Maar juist deze goede wil maakt het onmogelijk, omdat deze zich steeds alleen op persoonlijke doeleinden richt ; dergelijke personen zullen in de schoone kunsten, in de poëzie, in de philosophie, nooit iets ernstigs voortbrengen.

Op hen kan op uitstekende wijze het spreekwoord toegepast worden: „Zij staan zichzelf in het licht." Zij vermoeden zelfs niet, dat alleen het intellect, dat zich aan de heerschappij van den wil en al zijn voorwerpen ontrukt heeft en daardoor vrij en werkzaam is geworden, in staat is echte producten te leveren, omdat alleen deze vrijheid van werking hem den waren ernst verschaft; en dit is goed voor hen, anders zouden zij in het water springen.

De goede wil is in de moraal alles; in de kunst is hij echter niets; hier geldt, zooals het woord zelf reeds aanduidt, alleen het kunnen. Alles komt ten slotte hier op aan, waar de eigenlijke ernst van den mensch gelegen is.

Bij bijna allen is hij uitsluitend in den eigen wil en in dien der hunnen gelegen; zij zijn tot niets anders in staat dan om dezen te begunstigen, omdat geen enkel voorschrift, geen willekeurige of opzettelijke inspanning dien waren, diepen, eigenlijken ernst verschaft, noch vervangt. Want hij blijft steeds daar, waar de natuur hem gelegd heeft; zonder hem echter kan alles slechts ten halve ten uitvoer gebracht worden.

Om dezelfde reden zorgen geniale individuen dikwijls slecht voor hun eigen welzijn. Zooals een looden aanhangsel een lichaam steeds naar omlaag trekt, wat het zwaartepunt, dat door dit (gewicht) bepaald wordt, eischt, zoo trekt de ware ernst van den mensch het vermogen en de opmerkzaamheid van zijn intellect steeds daarheen, waar hij ligt; al het overige wordt door den mensch zonder waren ernst ten uitvoer gebracht.

Sluiten