is toegevoegd aan uw favorieten.

Studies

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waar hij voor zitten zou, morgen op zijn kantoor

Eindelijk kwam de man terug en zette het glas bier en 't kogelfleschje op het tafeltje, na dat eerst vluchtig met een halfschoonen doek te hebben afgeveegd.

Otto haalde zijn beurs uit, vroeg hoeveel en betaalde. Toen nam hij een slokje uit zijn glas en zag weêr naar de vaart: altijd die koeien en die telefoonpalen en de roode, stoffige weg....

En hij pijnigde zijn hersens om toch wat te zeggen, banaliteiten dan desnoods, — doch zonderling, hij vond niets

Riemslagen klonken in de verte en weldra verscheen er een roeibootje, licht bruin, met een rood-en-wit vlaggetje voorop; een kleurig gevlek van lichte damestoiletten en parasols. Vroolijk lachende stemmen galmden over het water.

Het schuitje kwam nader; een adelborst zat aan het roer, een klein donkerlokkig meisje aan de riemen, lachend en blozend van inspanning. Twee dames zaten voorin, en een jongen met een matrozenkraag, die slaperig half over boord hing, liet zijn hand slepen door het water.

En de adelborst toonde het meisje hoe ze roeien moest, gelijk-op, één .... twéé .... één .... twéé .... en niet zoo spatten!

Het meisje lachte luid, met een helderen lach, die ver over 't water heenschaterde, en de adelborst richtte zich half op uit zijn stuurbankje en de twee dames gilden, een snoer nerveuse gilletjes ....