is toegevoegd aan uw favorieten.

Studies

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Maor Arie toch, sluit de deur dan," bad moeder angstig. Maar vader lachte sterker nog, vol minachting.

„Laot ze maor komme," zeide hij. „Knap as ze me kriegen!"

Het kleine zusje was gekomen. Moeder lag in de bedofoHo Viool a-Hl • hot. vprsfVintpn sits fnrrliin was t.oe en daar-

) "wv i •- o * y

achter hoorde Hannes zacht gekreun: het kleine zusje

Eén keer maar had hij het mogen zien, heel even; op zijn toonen had hij moeten staan zoo hoog was de bedstee en zijn oogen had hij moeten inspannen omdat het zoo donker was. Toen had hij zijn moeder gezien, geelbleek op 't witte kussen, heur zwarte haar een groote, donkere vlek en dan, heel klein en teer, een paarsrood propje, het kleine zusje....

Na dien eenen keer had hij het niet meer mogen zien en nu zat hij maar stil op een stoof in een hoekje van de hut te staren naar het sitsen gordijn en te luisteren naar het zacht gekreun. Hij vergat zelfs gras te snijden voor de sik, waaraan hij toch anders het meest dacht, nog meer dan aan moeder. Buiten, op het kleine bleekveld, hoorde hij het zingen van zus Ant; leelijk zong ze, vond hij, zoo schel en zoo zeurig: „Kom Karlieneke, kom "

Daartusschen door hoestte knarsend een pomp.

Donker en benauwd was het in de hut; zacht kreunde zusje door, en stil suste moeder nu en dan: sss-sss, sss-sss