Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't lijntje niet!.... Marinus tusschen de weilanden met wat stomme koeien om 'm en zoo'n eeuwige dooie

vaart! Marinus was zoo gek niet geweest als z'n

vader die had van 't leven geprofiteerd die had

gezien wat er te koop was in de wereld De meisjes

waren finaal gek op 'm gek, weet je, gèk En

had-i van de een genoeg dan nam-d-i 'n ander Hij

kon d'r tien krijgen aan iedere hand. Hij had veel gehad

van Joost Joost Brammen die wist öök wat 'n

mensch toekwam èn centen. Zij, ze was 'n dochter

van d'r vader en ze moest toonen ze moest toonen "

Hij rammelde en ratelde maar al door, zwaaide zijn gelig oude-manne-hoofdje van links naar rechts; manoeuvreerde met zijn knokkige armpjes.

Bertha werd er bang en akelig van; ze had wel zóo het kamertje uit willen vluchten

Dien nacht kon ze maar niet in slaap komen. Alles waar haar grootvader over gebroddeld had rommelde nog na in haar brein, een roezige mengeling van vreemde, bonte klanken, waarvan ze den zin maar vagelijk giste. Doch hel en duidelijk boven al dat geroes üit, schetterde maar, triomfeerend, één naam, altijd dezelfde vreeselijke naam: Joost Brammen! Ze stopte haar hoofd in 't kussen, ze icilde niet langer hooren, ze wilde niet; doch 't was als danste het woord door haar hersenkas'; ze kon 't niet kwijt raken

Zachtjes lag ze nu te snikken, in 't donker. Weêr stond

Sluiten