is toegevoegd aan uw favorieten.

Studies

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Godswil!..Ze zei het wild, bijna ruw, als in vertwijfeling. En toen had hij werktuigelijk, zonder te weten wat hij deed, zijn hoofd leêg en zonder gedachten, zijn arm uitgestrekt en naar de kajuit-opening gewezen, met een rauwen snauw van zijn stem, waarvoor hij zelf schrok: „Daar!.. En in een oogwenk was ze verdwenen, met haar kind; hadden zijn oogen, verdwaasd, gestaard op de plek waar zij gestaan had ...

Het volk aan den wal verspreidde zich ...

Het ging nu weer alles zijn geest langs, van feitje op feitje juist zóo als het dien morgen zich had toegedragen. Het was als een beweegbare fotografie waarop het vlug en handig afspeelde en die eindelijk met zijn „daar!" dat hij moeite had niet weèr te roepen — nu — zóó wonderlevend was het alles in zijn vreemd-klare hoofd, ook eensklaps werd weggetrokken: dat hij zich weer leunen vond tegen den kil-nattigen mast, om hem heen den schemer-mistigen avond, die nu geheel was ingevallen.

De lossers waren aan hun laatste vrachtjes. In het rosse schijnsel van de lantaren bij het laddertje dat naar omlaag voerde, lag het ruim als een holte vol schaduwen en bleeke glimmer-vlekken. Als een witte spookgedaante stond er een man, die telkens den anderen de zakken opgaf, die dan haastig het laddertje opkwamen, op een drafje langs hem heengingen en in den mist op de kaai verdwenen.

Het had opgehouden te regenen, doch de miesige damp welke nu over alles hing maakte het armelijk grachtje,