is toegevoegd aan uw favorieten.

Groote leeraren der Oudheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of de Theogonie. Om haar heen droegen de esoterische Muzen, behalve haar gewone mythologische namen, den naam der occulte wetenschappen en gewijde kunst, die zij onder haar hoede hadden. Urania had de astronomie en de astrologie; Polyhymnia, de kennis deizielen in het leven na den dood en de zienerskunst; Mélpomene, met haar somber masker, de kennis van leven en dood, van gedaanteverwisseling en wedergeborenwording. Deze drie hoofdmuzen vertegenwoordigden tezamen de cosmogonie of goddelijke natuurkunde; Calliope, Clio en Euterpe bestuurden de kennis van den mensch of de zielkunde met haar bijbehoorende afdeelingen: geneeskunde, magie, zedeleer. De laatste groep: Terpsichore, Erato en Thalia, omvatte de aardsche natuurkunde, de wetenschap van elementen, delfstoffen, planten en dieren. Zoo openbaarde zich het organisme der wetenschappen, als afspiegeling van het organisme van het heelal vanzelf aan den leerling door den bezielden kring dezer Muzen, uit welke het goddelijk vuur straalde.

Na zijn leerlingen in het kleine heiligdom te zijn voorgegaan, opende Pythagoras het boek van het heilige Woord en ving zyn esoterisch onderricht aan.

— „ Deze Muzen, sprak hij, zijn slechts de aardsche afbeeldingen der goddelijke machten, waarvan gij de onstoffelijke, verheven schoonheid in uzelf moet bespiegelen. Evenals zij den blik gericht houden op het Vuur van Hestia, waaruit zij voortkomen en dat haar leven, rythmus en melodie geeft, evenzoo moet gij u in het centraal vuur van het heelal storten, in den