is toegevoegd aan uw favorieten.

Groote leeraren der Oudheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vage, niet gepolariseerde ziel van mineralen en planten is aan de aarde gebonden. Die der dieren, sterk aangetrokken door het vuurelement der aarde, verblijft daar eenigen tijd na haar stoffelijk omhulsel verlaten te hebben en keert dan weder tot de aardoppervlakte terug, om in haar soort te incarneeren zonder de benedenste luchtlagen der atmosfeer te kunnen verlaten. Deze zijn bevolkt met elementalen of met dierlijke zielen, die haar rol spelen in het leven van den dampkring en een grooten occulten invloed op den mensch uitoefenen. Slechts de ziel der menschen is uit den hemel afkomstig en keert er na den dood terug. Maar op welk tijdstip in haar lange cosmische ontwikkeling is de jonge ziel menschelijke ziel geworden? Door welken gloeienden smeltkroes, door welke etherische vlam heeft zij daarvoor moeten heengaan ? De gedaanteverwisseling is slechts mogelijk geweest in een tijdperk tusschen twee planetarische ontwikkelingen, door een ontmoeting met volmaakte, menschelijke zielen, die het geestelijk beginsel in de jonge ziel ontwikkeld en haar goddelijk beeld als een vurig zegel in de plastische zelfstandigheid der ziel afgedrukt hebben.

Doch hoeveel reizen, incarnaties en planeetcyclussen zijn er nog doortemaken, voor de op deze wijze gevormde, menschelijke ziel het standpunt bereikt heeft van den mensch, dien wij kennen! Volgens de esoterische overleveringen van Indië en Egypte zouden de wezens die de huidige menschheid samenstellen, hun menschelijk bestaan op andere planeten aangevangen hebben, waar de stof veel ijler is dan op de onze. Het

11