is toegevoegd aan uw favorieten.

Groote leeraren der Oudheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kon. De geest, die werkt in de diepte der hemelen zoowel als op aarde, moet een orgaan hebben; dit orgaan is de levende, laagstaande of verheven ziel, duister of stralend, doch in menschelijken vorm, het ware beeld van God.

Wat gebeurt er bij den dood ? Met het naderen van den doodstrijd, voorvoelt de ziel gewoonlijk haar aanstaande scheiding van het lichaam. Zij ziet haar aardsch bestaan in verkorte, snelopeenvolgende beelden, doch met ontzettende juistheid aan haar oogen voorbijtrekken. Maar wanneer het uitgeputte leven in de hersenen ophoudt, wordt zij verward en verliest volkomen het bewustzijn. Indien de ziel rein en vlekkeloos is, zijn haar geestelijke vermogens reeds ontwaakt door het geleidelijk zich losmaken van de stof. De ziel heeft voor den dood op de een of andere wijze, misschien door innerlijke beschouwing van haar eigen toestand, het gevoel gehad van de tegenwoordigheid van een andere wereld. Door zwijgende aansporingen, oproepingen van verre en flauwe stralen van het Onzichtbare heeft het aardsche reeds veel van zijn vasthoudendheid verloren en zoodra de ziel in al de heerlijkheid van haar bevrijding aan het levenlooze, koude lichaam ontsnapt, voelt zij zich omgeven door een groot licht, opgeheven tot het geestelijk gezin, waartoe zij behoort. Maar dit is niet het geval met den gewonen mensch, wiens leven geslingerd is geworden tusschen iagere aandriften en hoogere neigingen. Hij ontwaakt in half-bewusten toestand, als onder den zwaren druk van een nachtmer-