is toegevoegd aan uw favorieten.

Groote leeraren der Oudheid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voort, doch in geregelde, steeds grooter wordende cyclussen, die in elkander grijpen. Ieder volk heeft zijn jeugd, bloeitijd en verval. Evenzoo met geheele rassen : het roode, zwarte en blanke ras, die achtereenvolgens de heerschappij gehad hebben op aarde. Het nog zeer jeugdige, blanke ras heeft heden ten dage nog niet zijn volle wasdom bereikt. Op zijn hoogtepunt gekomen, zal uit zijn schoot een ras geboren worden, dat door de wederinstelling der inwijding en door geestelijke keuze der huwelijken de volmaking veel dichter nabij zal komen. Zoo volgen de rassen elkaar op, zoo gaat de menschheid vooruit. De Ingewijden der oudheid gingen veel verder in hun toekomstvoorspellingen dan die van den nieuweren tijd. Zij namen aan, dat er een tijd zou komen, waarop een groote menigte individuen die de huidige menschheid samenstellen, naar een andere planeet over zou gaan om er een nieuwen cyclus te beginnen. In de reeks tijdkringen, die de planeetketen uitmaken, zal de geheele menschheid de verstandelijke, geestelijke en bovenzinnelijke beginselen ontwikkelen, die de groote Ingewijden in zichzelf tijdens het leven op aarde aangekweekt hebben en ze zoodoende tot een meer algemeen en bloei brengen. Het spreekt vanzelf, dat een dergelijke ontwikkeling niet slechts duizenden, maar millioenen jaren in beslag neemt en dat zij zulke veranderingen in den algemeenen toestand van het menschdom zal te weegbrengen, dat wij ze ons niet kunnen voorstellen. Om ze eenigszins te kenschetsen zegt Plato, dat tegen dien tijd de Goden werkelijk de menschelijke tempels zullen bewonen. Het is logisch om