Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de moeder bestaat bijna altijd een sterke gelijkenis. Evenals slechte, verdorven vrouwen demonische geesten aantrekken, zoo trekken liefhebbende moeders de goddelijke geesten tot zich. Die onzichtbare ziel, die men verwacht, die in aantocht is en — zoo geheimzinnig en zeker — komt, is zij niet iets goddelijks? Haar geboorte, haar kluistering in de stof zal smart met zich brengen. Want als er tusschen haar en de door haar verlaten hemelwereld een grove sluier geplaatst wordt, als zij zich niet meer kan herinneren— dan zal zij stellig lijden. Heilig en goddelijk is de taak der moeder, die haar een nieuwe woning opbouwen, haar gevangenschap verzachten en haar beproevingen verlichten moet.

Zóó eindigde het onderricht van Pythagoras, aangevangen in de ondoorgrondelijkheden van het Absolute met de Goddelijke Drieëenheid, in het hart van het leven zelf met de menschelijke drieëenheid. In den Vader, de Moeder en het Kind herkende de Ingewijde nu Geest, Ziel en Hart van het levend heelal. Deze laatste inwijding legde den grondslag voor zijn taak in de maatschappij, waarvan hij het begrip verkregen had in al de verhevenheid en schoonheid van het ideaal en dat als het ware het Geestelijk Gebouw uitmaakte, waaraan iedere Ingewijde zijn steen moest bijbrengen.

14

Sluiten