Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laatste helft der i9l,e eeuw het meeste invloed hebben, zoo zou ik van de sporen, de tabak en het koffiehuis spreken. Berlijn heeft veel groote, meest moderne gebouwen, die zich vooral in de breedte en lengte doen gelden. De hoogte is gewoonlijk niet aanzienlijk. Dit maakt de stad uitgestrekt maar doet den toerist in de Berlijnsche straten veel tijd verliezen. Hij zegt: ,,Nog zoo en zooveel nummers dan ben ik er", rekenende naar de plaatsruimte van b.v. hollandsche of fransche huizen. Maar hij zal er zich aan moeten gewennen het dubbele van den afstand aan te nemen. Die groote gebouwen zijn meestal leelijk en geven den voorbijganger weinig afleiding door hun esthetische proporties of ornamentaties of bizondere historische herinneringen. Wat kan het mij schelen of daar en daar die groote fabrikant of rijke bankier woont en zijn huis, zijn ,,palast" voor zoo en zooveel millioenen mark heeft laten bouwen ?

De menschen en hun beweging zijn beter engracieuser dan in andere duitsche steden. De hoeken en kanten zijn afgesleten; zij zijn daarom gemakkelijker in den omgang. De drukte en het verkeer heeft plaats in de Leipzigerstrasse, Friederichstrasse en Unter den Linden. Deze laatste plaats met een Parijschen boulevard te vergelijken, zal niemand wagen die beiden geobserveerd heeft. En toch is de drukte van Berlijn vriendelijker. Parijs en Londen hebben eene harde drukte, die van Londen is zelfs wreed. En wie zou het gelooven? Die van Berlijn is de meest zachte en oppervlakkig gezien de beminnelijkste.

Sluiten