is toegevoegd aan uw favorieten.

Litteraire wandelingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De fout van Isaac schijnt te liggen in de voortdurende onvoldaanheid over eigen werk. Steeds niet goed te vinden, wat men zelf maakt, is bijna even verderfelijk als met alles tevreden te zijn.

Er bestaan van hem een groot aantal krabbels, in allerlei Amsterdamsche lokalen en buurten gemaakt, waarvan vele pittige zetten en kleine meesterstukjes zijn, veelal voorstellende die slonzen van meiden en nijdige kerels, zooals wij ze in de hoofdstad aantreffen. En het mag wel vreemd heeten, dat deze schilder, die zooveel gereisd heeft in Europa, tot nu toe zoo weinig uit andere landen en streken heeft meegebracht, maar slechts Amsterdam in beeld heeft gezet.

De weg, afgelegd tusschen zijn werk van '83 en het huidige, is een groote vooruitgang ook. Want waren zijne menschen toen nog ietwat stijf in hunne bewegingen, het coloriet nog ietwat droog, nu is dit anders geworden. Schittering en beweging zijn de qualiteiten van zijn werk en al is hij in het schilderen van het menschelijk naakt de mindere van Breitner, in het weergeven van den Amsterdamschen stratenstroom is hij onovertroffen. Vooral is hij, de kernige, stoere zetter der pootige lijnen, eenig in het weergeven van dansende paren. Dat vliegen der breede, gecrinolineerde rokken is als een wervelwind, die u aanblaast uit zijne doeken en teekeningen, uit de losse bladen zijner schetsboeken. Wanneer men het voorrecht heeft, hem aan het werk te zien, kan men gadeslaan, hoe hij telkens prikt als met een dolk tegen het doek: stooten als van plotselinge korte inspiratie, direct