Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XXIV.

Het was geen strikte, wei-omschreven belofte die ik gedaan had. Maar het was toch een toegeven, uit weekhartigheid, dat ik betreur, doch zonder zelfverwijt. Wie hooge, ongebaande wegen kiest moet alle weekhartigheid die tot halfheid brengt, overwonnen hebben. Wat deugd is in het getrouwe lid der kudde, is ondeugd in den losbreker. Maar ik wist, hoe onmiddelijk buiten het veilige groepsverband, de wolf van het fanatisme omwaart. Ik wist hoe moeielijk het is het evenwicht te bewaren op de hooge, eenzame paden der oorspronkelijkheid, hoe licht daar de padvinder door de duizeling van onbegrensde vrijheid bevangen wordt en neerstort in afgronden van geestdrijverij, buitensporigheid, dweepzucht, waanzin. Wie zal steeds het juiste midden weten te vinden tusschen stoutmoedige consequentie en roekelooze overdrijving ?

De neiging tot zelf-opoffering is een instinkt als alle andere, schoon en nuttig als het in harmonie blijft met al onze overige instinkten, en medewerkt in den gemeenschappelijken strijd voor Christus, die ze ons

Sluiten