is toegevoegd aan uw favorieten.

De nachtbruid

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

naar de mijlpalen mijner droomen, naar de keeren dat ik mijn liefste heb mogen roepen en haar nabijheid heb gevoeld. Een droom zal il: u in dit verband nog vertellen.

Het was laat in den morgen, tusschen zeven en acht. De droom begon met een gesprek over 't leven na den dood, waarin ik iemand duidelijk trachtte te maken dat er samensmelting der eenheden zal plaats hebben, geen persoonlijk voortleven, maar een opgaan van ons individueel wezen, in het Soort-wezen, met behoud van onze gansche herinnering en ervaring. Dit was mij duidelijker dan ooit te voren.

Toen kwam op eens de gedachte: ik heb mijn liefste nog niet gezien, ze wacht, ik moet haar gauw gaan begroeten. Daarop 't besef dat ik droomde en te E* was, en dat ik haar daar vinden zou. Ik ging naar buiten en zag de blauwe lucht en een heerlijk landschap. Toen begon de verrukking. Achtereenvolgens kwamen dc prachtigste tafreelen, en ik deed niet anders als kreten slaken van opgetogenheid en vurigen dank. Ik zag een ontzachlijk berglandschap, scherp en duidelijk, de spleten in de rots, de door de zon verlichte ruwe steenranden, de bergweiden bestreken door den gouden schijn. En toen, opeens, vóór me, een lieflijke groene vallei, daarin laag struikgewas, een zacht-vloeiend helder kronkelwater, stille huizen en enkele hoogstammige