Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Weizsacker (Jahrbiicher fiir deutsche Theologie, 1876) maakte grooten indruk. Sedert werd het overwicht van het heidensch-christelijk element erkend door Schiirer (Theol. Lit.-Zeit., 1878), Wieseler (Zur Gesch der N. Tlichen Schrift, 1880), Weiss (Commentaar), Ed. Grafe (Ueber Veranlassung und Zweck des Römcrbriefes, 1881), Stemlcr (Geloof en Vrijheid, 1881) >), Pfleiderer (Jahrb. f. prol. Theol., 1882), Oltramare (Commentaar), Bleibtreu (Die .? ersten Kapp. des Römerbriefs, 1884), van Rhijn (Theol. Stud., 1884), Jiilicher (Einleilung), Sanday-Headlam (Commentaar).

Beyschlag (Stud. u. Krit., 1867) sloeg een middelweg in door aan te nemen, dat de gemeente uit proselieten bestond; vgl. ook W. Schultz (Jahrb. fiir deutsche Theologie, 1876). Schiirer verklaart het niet-joodsehe Christendom, hetwelk onafhankelijk van Paulus te Rome ontstaan was en ook niet zoo vrij tegenover de wet stond als hij, uit het karakter der helleensche diaspora (Theol. Lit.-Zeit., 1878, 1882, 1884).

Het verdient de aandacht, dat de vervolging onder Nero alleen de Christenen en niet de Joden trof. Ware de gemeente te Rome uit de synagoge voortgekomen, dan zouden de Joden wel niet gespaard zijn, te minder omdat wij toch niet mogen aannemen, dat het tweejarig verblijf van Paulus te Rome in den toestand een geheele verandering gebracht heeft. Ook de zoogenaamde eerste brief van Clemens aan de Korinthiërs leert ons de gemeente als een heidenschchristelijke kennen.

Bij de exegese zullen wij de kwestie behandelen. Ilier wijzen wij nog alleen op Rom. 1:6. Wel heeft men ïivvi (vs. 5), waarop èv oïg ètrré terugslaat, in den zin van „volken" genomen, of èv oh ètrrè door „in wier midden gij woont" vertaald 2), maar dit kan toch met het oog op plaatsen als

1) Stemler is van meening, (lat de groote meerderheid van de gemeente te Rome ongunstig gestemd was jegens de Joden, waarom de apostel haar ververmaaut, Israël niet te verachten.

2) Hilgenfeld ueemt (Zeitsehr. f. wiss. Theol., 1892) 'cv oi$ l<rré nog in geografischen zin.

Sluiten