is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden van de schepping der wereld met de rede in Zijne werken gezien, Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid, opdat zij niet te verontschuldigen zouden zijn;"

De waarheid is de kennisse Gods, welke God Zelf aan de menschen mededeelt door Zich te openbaren. Want, gelijk Nitzsch gezegd heeft, „God wordt alleen gekend, in zoover Hij Zich te kennen geeft". Aioti i) (voor hx toüto oti) richt de gedachte op het volgende, niet op het voorgaande, terwijl hi (vs. 24) in hetgeen voorafgaat de reden aanwijst van hetgeen volgt. De beteekenis van dit 3ioti is: zij hebben de waarheid verstikt, aangezien de waarheid hun was geopenbaard (vs. 19, 20), die zij in leugen veranderd hebben (vs. 21—23, 25). — Het woord yvucróv, eigenlijk: wat te kennen is, beteekent in het N. T. dikwijls: wat werkelijk gekend is (yi;«««): zie Luk. 2:44; Joh. 18:15; Hand. 1:19; 17 : 23. In het klassieke grieksch evenwel is de eerste beteekenis de meest gewone (vgl. de talrijke voorbeelden bij Oltramare). Wat hier ten haren gunste beslist, is de tautologie, die zou liggen in: „wat [bekend is van het wezen Gods, is geopenbaard". Paulus wil zeggen: „wat gekend kan worden van God (zonder de hulp eener buitengewone en bijzondere openbaring) is duidelijk in hen geopenbaard". Er is hun een licht opgegaan over het bestaan en het wezen van God, in zoover de mensch door zijne natuurlijke vermogens God kan kennen. Het is een tegenwoordig, voortdurend feit; vandaar het praesens (pxvspóv êariv. Deze voortdurende openbaring wordt verder verklaard (want) door de daad van de oorspronkelijke openbaring, welke er het uitgangspunt van is; è(pxvspua,s, aoristus.

Het 20e vers vermeldt het middel, waardoor God deze openbaring van Zichzelven in het menschelijk bewustzijn heeft gewerkt. Hij heeft het gedaan door Zijne werken in de natuur; werken, waartoe — hetgeen men niet mag ver-

1) Van Manen noemt dit (t. a. p. bl. 51) )teenyoudig onzin".