Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goede te doen vervuld en bezield is vroeg of laat op zijn weg het raiddel zal vinden om dat doel te bereiken. Wij kennen dit middel; het is het geloof aan het evangelie, zooals Paulus later zal aantoonen. Heeft Jezus niet gezegd: „wie de waarheid doet, komt tot het licht? \gl. Joh. 3:21 en 7:17. De liefde tot het goede zet den mensch aan, Christus, het ideaal van het goede, te grijpen; heeft de mensch hem gegrepen, dan bezit hij de overwinnende kracht om het goede te volbrengen. Zoo vereenigt zich het volharden in het doen van het goede met het geloof aan het evangelie. Natuurlijk vloeit hieruit de gedachte voort, welke Petrus in zijn eersten brief H. 3:19, 20 uitspreekt: de zaligheid door het geloof aan het evangelie wordt vóór het oordeel aan elke menschelijke ziel aangeboden in deze of in de andere wereld (Matth. 12 : 31, 32). Het begrip „volharding" stelt de apostel op den voorgrond, omdat hij wel wist, welk een zelfbeheersching een Jood moest hebben om te breken met zijn volk, met zijn familie en met geheel zijn verleden, en om de liefde tot het goede tot den einde getrouw te blijven.

De andere klasse van menschen beschrijft Paulus vs. 8. Wij kunnen zonder bezwaar èpiSeix; bij roti Si voegen; ygl. 'o of oi h snrrlw H. 3:26; Gal. 3:7. De beteekenis is: „maar voor hen, die door den geest van twist beheerscht worden". — Het woord ipióeia. komt niet van cpis, twist, maar, zooals Fritzsche heeft aangetoond, van epióoï, daglooner, vandaar het verb. èpiQeveiv, voor loon werken, verder: zich stellen in dienst van een partij. Het subst. èpiieix duidt dus aan de neiging om de partij en de overwinning van de partij te stellen boven de waarheid en haar bezit. Eigenlijk wordt daarmede niet bedoeld de zucht om te redetwisten, noch de eigenliefde, die zich wil laten gelden; Paulus denkt aan de Joden, tot wie hij zelf eenmaal behoorde, voor wie de overwinning van het jodendom duizendmaal kostbaarder was dan die der waarheid. — Met de abstracte uitdrukking „waarheid" wijst de apostel indirect de openbaring van het evangelie aan, waartegen de Joden zich

Sluiten