is toegevoegd aan je favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onzen gunste laten gelden?" Deze beteekenis wordt door vele oude vertalingen en grieksche kerkvaders, door Calvijn (quid ergo? praecellimus?), Beza, Tholuck, de Wette, Rückert, Baur, Weiss, Oltramare, Beek, Baljon e. a. aangenomen. De omschrijving van Hofmann komt op hetzelfde neder: „Wat dan? Verheffen wij ons boven degenen, die het voorwerp zijn van den Goddelijken toorn ? ') Uit deze opvatting is de lezing van DG ontstaan, die bijna letterlijk aan den kommentaar van Theodoretus is ontleend: Tl oïv jixrixopev irepwróv; — Hofmann (zoo ook Zahn) meent, dat „wij" de Christenen aanduidt, wat met zijn vreemde uitlegging van deze passage samenhangt (zie het einde van de pericope). Holsten verklaart: „wij, menschen". Maar uit het voorafgaande blijkt, dat Paulus de vraag stelt in naam van het joodsche volk, waartoe hij zelf behoort. Ook besluit hij met de verklaring, dat het volk, hetwelk alleen met een schijn van recht zich uitzondert van den algemeenen regel, er evengoed aan onderworpen is als al de andere volken; het is de inhoud van den volgenden zin.

Het antwoord ou v/xvrciii beteekent eigenlijk: niet volstrekt (niet geheel, of: niet in alle opzichten). Deze beteekenis schijnt de meeste uitleggers te zwak; zij vertalen alsof er stond 7TMTU; ou, volstrekt niet. Theophylactus: Calvijn:

nequaquam. Zelfs Meyer, die gewoonlijk zoo streng is, meent in dit geval de grammatika aan het verband te moeten opofferen. Men kan ten gunste van deze opvatting aanvoeren het gewone gebruik van de analoge spreekwijze: ou %»vu bij Xenophon, Demosthenes, Lucianus, en de beteekenis van ou TÓtvToii; zelf op sommige plaatsen.2) Echter maakt Paulus wel degelijk onderscheid tusschen ou itxvtws en ttólvtw; ou. Vergelijk 1 Kor. 5:10 met 1 Kor. 16:12. Wanneer dus de

1) Rahse (Paraphrase): Heben wir uns über sie hinaus?

2) Theognis, 305: „De slechten worden volstrekt niet (ou 5t«vtw«) slecht geboren". Ep. ad. Diogn. e. 9: „Terwijl hij in onze zonden volstrekt geen (cv welgevallen heeft, maar ze verdraagt . De beteekenis „niet in elk. opzicht" past hier niet.