is toegevoegd aan uw favorieten.

Kommentaar op den Brief aan de Romeinen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegenwoordige noch toekomende dingen, (noch machten, *)) 39 noch hoogte noch diepte, noch eenig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods in Christus Jezus, onzen Heer."

Nu worden geen enkele dingen meer opgenoemd; de gedachte van den apostel richt zich op „alles". In dat „alles" doet hij eenige wilde grepen om aan te toonen, dat niets van dat „alles" ons kan scheiden van de liefde Gods in Christus. Hij spreekt hier in den eersten persoou, omdat zijn persoonlijk geloof, en niet de logica, aan liet woord is. Natuurlijk is hetgeen hier gezegd wordt niet in strijd met Kol. 1:23 of 2 Tim. 4: 10, evenmin als de noodzakelijkheid der üttoimvvi ontkend wordt, maar daarover wordt liier nu niet gehandeld. — In vs. 39 wordt ondersteld, dat de overtuiging van Paulus die van alle geloovigen is (mx;).

Het eerste paar, hetwelk Paulus uit „alles' grijpt, heet: dood en leven. De dood staat voorop, in verband met vs. 35, 36 (andere volgorde 1 Kor. 3 : 22). De dood heeft zijne angsten, het leven zijne verstrooiingen en zijne verleidingen. Wanneer men bij het tweede paar in xpxxi een hooger soort engelen ziet, vervalt de tegenstelling. Met Godet bij a.yyt>.oi aan goede, bij xpxx' aau booze engelen te denken, komt ons niet gelukkig voor. Liever verstaan wij onder het laatste woord de aardsche overheden (zie Weiss). — Sommige HS&. hebben hier n; C voegt er è&uaixi aan toe. Lipsius

acht deze laatste toevoeging misschien echt, maar het is toch veel waarschijnlijker, dat men met dit woord de eenzame positie van ^uvxf/.eig tusschen al die paren heeft willen verbeteren. Wanneer ouvxpieii echt is, moet het evenwel na uXXovtx geplaatst worden. x) — Daarna worden alle dingen volgens den tijd verdeeld in tegenwoordige en toekomende: vgl. 1 Kor. 3 : 22. Weiss tracht ovtc 2uvx[*ei<; te handhaven door het zoo algemeen mogelijk te nemen en het met het

1) siBCDEIÖ It. plaatsen cvre Swapsi( hier.

2) Weiisaoker: noch irgend welche Machte. GoDET/JoNKtB, Romeinen.

29