is toegevoegd aan uw favorieten.
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der flauw-gebogen kap lichtte even op tegen het grijze spansel. De rook, die uit het stompje keukenpijp traag naar boven steeg, dreef eenzaam mede in deze grauwe verlatenheid.

In den wagen smookten ze, vroegen ze waar nu toch Keesie bleef. Drie uur geleje al uitgegaan om een krant te hale en nog niet terug ! Och, och, wat motte we met hem beginne !"

De vrouw goedigde : „nog maar eens anzien . .. waar zooveel monden zijn, kan hij ook mee-eten.

De man heftigde er tegen in, dat onder dienst gaan de eenige, de beste uitkomst bleef, maar de oudste dochter die boven 't vuur te morrelen zat in den pot met erwtensoep, beet er schampertjes tusschen in : „Ja, dat kan-je begrijpen, onder dienst, daar nemen ze hem niet met zijn varkenvangers."

„Och wat, zei weer de vader, ze benne er wel met krommer beene."

Met vreemdige oogen liep Keesie te suf-