Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En toch het is er een... O, 't is er een!

Ik kan niet denken aan den oorlog.

Ik kan aan niets meer denken.

Iets staat mij in den weg...

Waardoor ik niet kan verder.

En terug gaan wil ik niet.

Dat eerst opgeruimd, dan ben ik vrij. Wee dan, jij Franken! Pas op, jij Bisschop, want jij hindert me en bovenal die

[Lucas

En die gansche laffe hoop van doeniets... Waarom zijn zij Niet met de anderen ten oorlog opgetrokken?...

zij lacht schel.

...Die dolk, was die misschien van Alma of van Lucas... ...'t Zijn boozen, die twee.

zij lacht.

Wie weet of niet een hindernis ook hen Den weg verspert...

Zij lacht. Radboud in 't vuurrood, waarover een zwarte mantel met gouden sterren, komt snel op door eerste deur rechts. En wacht dan even.

Radboud.

Ik zoek haar en vind haar niet...

Ik durf niet... En toch, het moet, het moet...

Sst... daar is iemand.. Wie? 't Wordt donker...

De zon is bijna onder... (luid) Mara?

Mara.

Radboud.

Radboud.

't Is tijd, 't moet... zoo gaat 't niet langer.

Sluiten