is toegevoegd aan uw favorieten.

De gouden poort

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ze en gaf ze kracht door Zijne Liefd' en rhythme; glans en kleur door zijne Beving, kracht en Licht

door Zijnen Blik.

10. En juichend stroomden weg de mooi-verjongd' Eonen en deelden zich over al d'onmeetlijke paleizen en stoeiden over al de vijvers, in gouden boomen of op terrassen van robijn.

11. En menig goddelijk festijn werd daar dan aangelegd en duizendvoudig wuifden de banieren en duizendvoudig juichten al de koren en duizendvoudig bliezen de bazuinen en duizendvoudig parelden de gouden harpetonen, dansend op de maat der springende fonteinen.

12. En in der Liefde overzalige mysterieën vermengden gansche heiren zich tot nieuw-geboorne volkeren van

Wezens, ideëel.

13. Het was één vlerken langs de treden der terrassen, één glinsteren van menig vol-gelukkig oog; d'azuren velums borgen om kil-koele bekkens liefdeparen

wonderschoon.

14. Huwlijken werden dan gesloten en immer nieuwe huwlijken weer aangegaan; en immer zag men witte vleugel-hengsten aangewiekt met gouden wagens waar versmeltende Engelparen glansden, 't matte naakt in wade van saffiere zij.

15. Toen rees in overstroomende Liefde de Groote Koning fel omhoog; het dwarrelde terneder van Hem af: ontelbre zalige Eonen; als van een reuzen-rozenstruik de blaren wervlen rood of wit.

16. En Hij kwam luide omjuicht van immer zich verbindende en wederom versmeltende Eonen over de helling der terrassen blinkend-wit en stond en blikte