Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dable hand zijn Gouden Zwaard nu straalde en reikte dit aan Lucifer en zond hem en zijn broeders over zee te zoeken Maya, om weer te geven Hem de rust die Hij nu derven moest om Liefde tot haar immer wisselend delusieve wezen.

30. En de wondre Zonen bewogen hunne wieken door de luchten die om hun lijven aaiden met een zoele mond en kwamen tot de smachtende, die niet meer jagen kon van zich de lammende Begeerte.

31. Zoo gleed vorst Lucifer nu stralend over gouden wateren en zijne voeten nauwlijks tipten de wiegelende golven; gelijk een stralenkrans omgaven hem de andre Broeders, allen bindend Maya met hun starren heeten blik.

32. Het Zwaard geheven betrad de grootste 't kristallen vaartuig en spleet de Gouden Deur en Maya weende; als diamanten biggelden de tranen langs haar weelderige wangen en dauwden op de kussens week.

33. En ziet, haar schoot begon nu rijk te glanzen en een groot licht ontstraalde aan haar lijf; een gouden Zoon werd haar geboren, een rozig Kind, de oogen als twee blauwe starren en strekkend beide armpjes, lachend, roepend om zijn Vader.

34. In zijn weidsche armen beurde Lucifer 't godd'lijk Kind en achter latend 't verblindend vaartuig, waar de fiere Moeder bloosde, toog hij met den rei der Broeders over zee weer tot den Tuin des Midden, tot Kareol, 't Vaderland.

35. Op zijn ivoren zetel zat aldaar omhoog de Vader, op zijn knieën weldra straalde 't Kinde luisterrijk en Hart op Hart gebogen, weende Zion zalig en kustte zijnen Zoon en noemde hem zijn naam met sidderende lippen en Hij sprak:

Sluiten