Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eeuwen lang achtergesteld bij het meer verwijderde en ingewikkelde, op soortgelijke wijze als in de natuurwetenschappen de astronomie veel ouder is dan de kennis van den bouw en de levensverrichtingen van het menschelijk lichaam.

Sedert evenwel Locke de leer van het kenvermogen op den voorgrond bracht en een eeuw later Kant aan dat vraagstuk zijn beste krachten wijdde, is het onmogelijk geworden haar met stilzwijgen voorbij te gaan en eenig wijsgeerig vak grondig te beoefenen zonder zich eerst met haar te hebben ingelaten. Het tijdperk van de onbeperkte heerschappij van een dogmatisch rationalisme is voorgoed voorbij, sinds het Engelsch empirisme en het Duitsche criticisme de vraag opwierpen, welke grenzen aan onze kennis gesteld zijn. „De metaphysica der dingenzegt Windelband, „is geweken voor een metaphysica van het weten." *) Ja, zooals het meer gaat, men verviel zelfs bij tijden in een omgekeerd uiterste. Tevoren te veel veronachtzaamd, werd later aan dit vraagstuk soms weer een te uitsluitende opmerkzaamheid geschonken. Het dreigde soms alle aandacht in beslag te nemen, alsof de wijsbegeerte heel geen andere vraagstukken had aan te wijzen. Vooral in Duitschland was dit het geval; en een man als Krohn sprak zich daarover in afkeurenden zin uit in de woorden: „Die absorbierende Bedeutung dieser modernen Erkenntnisstheorie ist ein Wahrzeichen

') Windelband. Geschichte der Philosophie, pag. 375.

Sluiten