is toegevoegd aan uw favorieten.

Inleiding tot de wijsbegeerte

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ziel en lichaam als twee in wezen volkomen van elkander onderscheiden substanties, als twee volkomen verschillende en onvergelijkbare grootheden, de eene gekenmerkt door het attribuut uitgebreidheid, de andere door dat van zelfbewust denken. Ofschoon nu tusschen twee zoo fundamenteel verschillende en ongelijksoortige grootheden eigenlijk nimmer een causale betrekking zou kunnen optreden, nam hij toch een voortdurende wisselwerkimj tusschen beide aan, de daarin opgesloten ongerijmdheid en ontrouw aan zijn eigen mechanisch beginsel onopgelost latende. Even zonderling en onverstaanbaar was het, hoe hij aan de ziel als substantie zonder uitgebreidheid toch een zetel kon aanwijzen in de hypophysis als onparig deel der hersenen. x)

Deze dualistische leer is thans verlaten. De ziel is geen afzonderlijke substantie, maar een samenvattend abstract begrip. Het geeft daarom tot een geheel valsche voorstelling aanleiding, wanneer men b.v. spreekt van de hersenen als het loerktuig der ziel. Wat wij ziel noemen, is niet anders dan de som van ons innerlijk voorstellen, willen en voelen, zooals dit in ons bewustzijn zich samenvoegt, maar in geenen deele een zelfstandige transscendente substantie. Al gebruiken wij telkens het woord „ziel" als een gemakkelijk verstaanbare uitdrukking voor datgene wat wij daarmede willen aanduiden, daaruit mag nog hoegenaamd niet worden

') Later is dit orgaan gebleken niet eens tot de centrale zenuwsubstantie te behooren, maar van geheel anderen oorsprong te zijn en slechts secundair met de hersenen in verbinding te treden.