Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat wij de klove tusschen haar niet kunnen overbruggen. Zelfs een Büchner moet dan ook erkennen, dat wij ons onmogelijk kunnen voorstellen hoe een zenuwproces bewustzijn te voorschijn brengt. Vandaar ook dat een Tyndall verklaarde, dat „the passage from the physics of the brain to the corresponding facts of conscience is unthinkable"; en dat de physioloog Bernstein opmerkte: „Aan ons verstand, dat gedwongen is te denken volgens de wet der causaliteit, schijnt het niet mogelijk de grondeigenschappen der psyche, de gewaarwording, waarneming en voorstelling, uit zuiver materieele processen af te leiden."

In de tweede plaats ziet het materialisme ten eenenmale over 't hoofd, dat onze voorstellingswereld de primaire is, en dat het bestaan eener stoffelijke wereld eerst secundair daaruit wordt afgeleid. De aanneming toch dier laatste is slechts een uitvloeisel, een schepping onzer voorstellingen, wier inhoud wij als iets zelfstandings en onafhankelijks van onze psyche naar buiten projecteeren. ') Ten onrechte stelt het materialisme het voor als zou de materie, gelijk wij die kennen, onafhankelijk zijn van onze geestelijke aanschouwing,

') Zoo zegt b.v. Huxley ergens: „If we analyse the proposition, that all mental phenomena are the effects or products of material phenomena, all that it means amounts to this: that whatever those states of consciousness, which we call sensation or emotion or tliought, come into existence, complete investigation will show good reason for the belief, that they are preceded by those nther phenomena of consciousness. to which we give the names of matter and motion."

Sluiten