Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

latere medegedeelde verbeteringen van fouten, in een vroegere voorkomende. (P.W. 296'2.)

Dat de eerste dag van de week de Zondag is, wordt uitvoerig betoogd in P.W. 9777, met een beroep op de vijf boeken van Mozes, het Nieuwe Testament en andere geschriften.

Laat de erflater effecten na van de soort, die op de prijscourant bekend staan, dan moeten zij, al waren zij ook op de eene of andere bezwarende wijze verbonden, worden aangegeven naar de daarin aangewezen geldswaarde, daar de wet in geen enkel geval voor zoodanige effecten afwijking van de in de prijscourant aangegeven waarde toelaat. (Verg. de Wilde § 647, P.W. 3559, 7754, 8183 en de resolutie dd°. 18 Februari 1899, n°. 59. W. N. R. n°. 1002).

Kunnen aandeelen in maatschappijen met het oog op de verplichting tot bijstorting niet op eene positieve waarde worden getaxeerd, dan kan hunne negatieve waarde onder het passief worden opgenomen, mits de omschrijving voldoet aan art. 27 letter a. (P.W. 8183.)

De Successiewet verstaat in art. 1 n . 1 onder effecten:

1°. Alle aandeden in binnen- en buitenlandsche geldleeningen en renten.

Hiertoe behooren aandeelen in allerlei geldleeningen. onverschillig te wiens laste zij zijn en of de aandeelen op naam staan of aan toonder luiden; zoo vallen daaronder o.a.: die in geldleeningen ten laste van provinciën, gemeenten, polders en kerkelijke gemeenten, waarmede echter niet kunnen worden gelijkgesteld op zichzelf staande schuldbekentenissen op naam ten laste dier lichamen; (Verg. P.W. 5971, 7683, 7694, 9409.) die in premieleeningen, ook al geven zij geen rente; (P.W. 2410.) en pandbrieven, door hypotheekbanken uitgegeven. (P.W. 6096.)

2°. Aandeelen in maatschappijen of ondernemingen wier kapitaal door aandeelen wordt vertegenwoordigd.

Sluiten