Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werk als van het product van hun geest en zinspelen op nog oudere, die zij aanvullen of vervangen, kortom zij gedragen zich als leden van een dichtergilde. Maar de heugenis aan dien tijd is minstens reeds vijf-en-twintig eeuwen in Indië verdwenen. In de oogen van den orthodoxen Hindoe zijn die wijzen en (lichters, die rsrs uit den grijzen voortijd, zoovele zieners, die het eeuwige woord „zagen" en slechts uitten wat hun geopenbaard werd. Oude liederen, die voldaan hadden of van welker werkdadiglieid bij het offer zich de overtuiging had gevestigd, werden in het geheugen geprent en in het ritueel regelmatig aangewend. In bundels verzameld en in een streng geregelden, op het nauwkeurig bewaren van de mondelinge overlevering berekenden vorm van onderricht, van geslacht op geslacht overgeplant, verkregen zij van lieverlede rang en gezag van heilige, door hooger macht geopenbaarde teksten.

De drie hoofdfunctiën bij het Somaoffer, die ieder hun eigen priester met diens helpers van noode hadden, hebben elk hun eigen bundel. Van dezen is de verzameling van liederen voor den priester, die de godheden looft en ten offer oproept, naar taal en inhoud verreweg de oudste. Deze is de vermaarde bundel van den Egweda, het oudste letterkundige gedenkstuk van Indischen bodem, tevens de vroegste herinnering uit het verleden van eenig Indogermaansch volk. De roep van heiligheid en hoogste wijsheid, die aan die zangen en offerspreuken werd toegekend, werd gaandeweg ook overgedragen op werken van exegetischen en liturgischen aard, die ze verklaarden en allerlei beschouwingen, rijk aan symboliek en mystiek, met het ritueel in verband brachten. Die talrijke zoogenaamde hrahmana's maken derhalve ook deel uit van den Weda en bezitten eveneens het karakter

Sluiten