Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

manen, do elf- 011 twaalfjarige uit dien der ridders en dien der huislieden door den vader aan den leermeester overgegeven met een ceremoniëele en sacrale handeling, die men nog tegenwoordig aan den hiertoe gerechtigde verricht. Eerst door die wijding of initiatie (upnnayana) wordt men een firva; zij geldt voor de tweede, de ware geboorte, die naar den geest.

Met die inwijdingsceremonie brak voor den knaap een tijdvak aan van strenge tucht. In het huis zijns meesters levend, hem en diens vrouw gehoorzaamheid verschuldigd en in allerlei dienstbaar, door tal van heilige voorschriften tot ingetogenheid en onthouding gedwongen, leerde hij van buiten en repeteerde wat zijn ffuru hem voorsprak en uitlogde, terwijT hij tevens in zijne dagelijksclie godsdienstige plichten op praktische wijze onderwezen werd. Oude berichten weten te gewagen van een leertijd van twaalf jaren voor el ken AVeda ,3). Men kon echter, en dit zal wel in den regel het geval geweest zijn, deze studieperiode binnen een bepaalden tijdduur begrenzen. Als normale grens mag men het zestiende levensjaar stellen. Dan heeft de leerling genoeg AVedakennis opgedaan, dat het hem vergund wordt naar het ouderlijke huis terug te keerer. om zich te gaan wijden aan zijn beroep. Het laat zich echter begrijpen, dat vlugge en voor studie begaafde jongelieden niet tevreden waren, voordat zij een of meer AVedas geheel in hun macht hadden en dat zij dan ook langer bij hun </iiru verwijlden. Oudtijds hebben zich ook niet-brahnianen aanmerkelijke

liS) Indirect ook Megaslhenes bij Stratio XV, c. 59, o< 1. Meineke: ëir/ <Y ê.Trn xai Toi'iy.ovra oï'rwg trjoavra avaymgiïv els T>j>' éavrov y.Ttjoiv ev.aotov etc. Voor de trayï vidya toch zijn 3G jaren noodig.

Sluiten