Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pas de ware drager van dit orgaan, als de heerschende standen door hun bijzondere klassebelangen verhinderd zijn, het algemeene te erkennen. Wel heeft deze beperking in de eerste plaats betrekking op de wereld der menschelijke verhoudingen. Maar zoolang deze verhoudingen niet algemeen menschelijk, maar klasse-verhoudingen zijn, moet ook de beschouwing der dingen door dit bekrompen standpunt zijn bepaald. Objectieve kennis veronderstelt subjektief theoretische vrijheid. Voordat Kopernikus de aarde zich bewegen en de zon stil staan zag, moest hij van zijn aardsch standpunt abstraheeren. Omdat nu voor het denkvermogen alle verhoudingen voorwerp zijn 'moet het van alles abstraheeren, om zichzelf rein of waar te begrijpen. Omdat wij alles slechts door middel van het denken begrijpen, moeten wij van alles afzien om het reine, het denken in het algemeen te erkennen. Deze taak was te moeilijk, zoo lang de mensch zich aan een beperkt klasse-standpunt gebonden vond. P>rst een historische ontwikkeling die zoover gevorderd is, om naar de oplossing der laatste heer- en knechtschap te streven, kan zoover de vooroordeelen ontberen, om het oordeel in het algemeen, het kenvermogen, den hoofdarbeid waar of naakt te begrijpen. Eerst een historische ontwikkeling, die de direkte algemeene vrijheid der massa in het oog hebben kan

— en daartoe behooren wel zeer miskende historische voorwaarden

— eerst de nieuwe aera van den vierden stand vindt het geloof aan spoken zoover ontbeerlijk, om den laatsten schepper van alle spokerij, om den reinen geest te kunnen ontmaskeren. De mensch van den vierden stand is eindelijk „rein" mensch. Zijn belang is niet meer klasse-, maar massa-belang, belang der menschheid. Het feit, dat ten allen tijde het belang der massa met het belang der heerschende klasse verbonden was, dat niet slechts ondanks, maar juist door middel van haar gestadige onderdrukking door Joodsche patriarchen, Aziatische veroveraars, antieke slavenhouders, feudale baronnen, gildemeesters, in het bijzonder door moderne kapitalisten en ook zelfs nog door kapitalistische Caesars de menschheid steeds „vooruitgegaan" is — dit feit nadert nu zijn einde. De klasseverhoudingen van het verleden waren noodzakelijk voor de algemeene ontwikkeling. Nu is deze ontwikkeling bij een punt aangekomen, waar de massa zelfbewust wordt. De tot hiertoe levende menschheid heeft zich door middel van de klassetegenstelling ontwikkeld. Zij is daarmee zoover gekomen, dat zij nu zichzelf onmiddellijk ontwikkelen wil. De klassetegenstellingen waren verschijningen der menschheid. De arbeidersstand wil de klassetegenstellingen opheffen, opdat de menschheid een waarheid zij.

Evenals de hervorming door de feitelijke verhoudingen der zestiende

Sluiten